Delen     Populaire blogs     Volgende blog Ľ
Blog maken     Inloggen
_
_
GOOILAND
Geschiedenis van Gooiland van 900 tot 2007
_
Home__Weblog__Prikbord__Fotoblog__Videoblog__Foto's__Links__Gastenboek__Vrienden__Zoeken__Tip__Login
_

Welkom op mijn Weblog


http://gooiland.vijftigplusser.nl/?page=article&warticle_id=44460



Mijn Profiel

gooilander
Ik ben nu offline

• Mijn profiel
• Privť bericht sturen
• Als vriend toevoegen

Toevoegen als weblog vriend






Zoeken in Google
_



CategorieŽn Overzicht




Laatste Weblog artikelen




Fotoboeken


FAMILIE (1)
_
ERFGOOIERS (89)
_

FAMILIE (1)
_
FAMILIE (2)
_






Weblog Vrienden


Nog geen weblog vrienden toegevoegd.



Gastenboek berichten

David Hughes
20 oktober 2017 07:22
_
Heb je dringende leningen nodig om je financiële problemen op te lossen? Indien geïnteresseerd; neem dan contact met ons op via; E-mail: Paydayloans@li ve.com Telefoon: (512) 850-4970

Lieneke Opmeer
08 juni 2017 10:00
_
Deze pagina kwam tegen toen ik op zoek was naar de familie Majoor en met name Machiel Janszoon Majoor uit Laren. Hij is mijn overgrootvader, zijn dochter Engelina is mijn oma. Ik ben ook vernoemd naar haar. Verder ben ik heel erg benieuwd of er meer informatie over mijn overgrootvader bekend is. lienekeopmeer@ hotmail.com

Hans Klinkenberg
25 maart 2016 20:58
_
Joaox@live.nl




Watskeburt Op 50plusser.nl

Door mellina om 09:15
_
Nieuwe Reactie geplaatst

Door fiederelsje om 09:14
_
Nieuwe Reactie geplaatst

Door Acsis om 09:14
_
Acsis Online

Door mellina om 09:14
_
Nieuwe Reactie geplaatst

Door Josta48 om 09:13
_
Nieuwe Reactie geplaatst

Door fiederelsje om 09:13
_
Nieuwe Reactie geplaatst

Door Josta48 om 09:13
_
Nieuwe Reactie geplaatst

Door Josta48 om 09:12
_
Nieuwe Reactie geplaatst





_

Andere artikelen



Blaricumse begrafenisgasten verhoort door de schout


De handtekening van de Blaricumse schout Aaron Duerkant

In de weblog ‘’Ruzie om moeders erfdeel’’ staat de hele onverkwikkelijke gebeurtenis, die begon tijdens de begrafenis van Hendrik Teunisz . Op de Blaricumse begraafplaats werd de oom van de overledene herinnert aan een afspraak die hij ooit gemaakt zou hebben. Men aasde al tijdens zijn leven op zijn erfenis. Oom Jacob de Zaijer kreeg het er zo benauwd van dat hij buiten bewustheid raakte. Ook daarna lieten zijn toekomstige ‘’erfgenamen‘’ hem niet met rust. Schout Aaron Duerkant kwam er aan te pas. Hij verhoorde alle personen die op de begraafplaats aanwezig waren geweest. Het is onduidelijk wie zich tot de schout had gewend. De verhoren en de verslagen vulden 20 foliobladen. Hieronder de verklaringen van drie Blaricummers.

-------------------------------------------------------------------

BLARICUM ORA 3267.37 DD 1710.06.30

VERKLARINGE DIRK HARMENSZ, CORS CLAASZ EN JAN WILLEMSZ

Verklaren wij onder (getekenden) Dirk Harmensz, oud omtrent de seventig jaren, Cors Claasz, en Jan Willemsz, beijde mede van competente ouderdom, ter requisitie van Theunis Gerritsz en in faveur van waerheijd, dat wij attestanten op 26 februarij deses jaars 1710 met en nevens andere personen het lighaam van den overleden Hendrik Theunisz, soon van den regnt indesen hebben helpen ter aarde bestellen, dat onder andere daarmede present was Jacob de Zaijer, oom van den overleden(e) van 's moederszijde sijnde, die op die tijd een overval [flauwte] kreeg, dog het selve een weijnig overgaande hebben wij attes­tanten gehoord en gesien, dat Evert Gerritsz de gemelte Jacob de Saijer in presentie van Theunis Gerritsz, regnt in desen, met dese woorden, off diergelijks in substantie aanspraek:


"Jacob wij hebben nog liever met U als met uw Erffgenamen te doen, nademaal sij niet en weten van het Contract 't geen wij hebben gemaackt tusschen Theunis Gerritsz en sijn meerderjari­ge voorkinderen".


Waarop door Jacob de Zaijer geantwoord wierde, daar niet van te weten, als wanneer hij Evert Gerritsz andermaal tegen hem Jacob de Zaijer seijde:


"Wel Jacob weet ghij niet dat wij tesamen door Theunis Gerritsz, en sijn voorkinderen sijn versogt om te seggen hoeveel hij Theunis Gerritsz aan sijn meergemelte voorkinderen, verwekt bij Geer­tje Hendriks, voor haar moederlijke goederen soude uytkeren, en dat wij daarop te samen sijn int agterhuijs gegaan, en daar te looff en te bode
geweest. En dat wij eijndelijk sijn verac­cordeert, dat de voorkinderen van Theunis Gerritsz voor haar moederlijke goederen souden hebben: Eens de somma van 500 gl. boven een behoorlijke uijtset, en dat die somma eerst soude worden uytgekeert na doode van Theunis Gerritsz".

Als wanneer hij, Jacob de Saijer, andermaal ontkende, en dat doen door meergemelte Evert Gerritsz tegens Jacob de Saijer voorn. wierde geseijt:


"Wel Jacob het geld en goed blijft hier, en wij gaan na de Eewigheijd. Siet hier een tweede opmerking van een haastige dood".
En diergelijke woorden meer. "Weet ghij dan van ons accort niet t'geen wij samen hebben gemaakt ?"


Waarop wij attestanten hem Jacob de Saijer hebben horen antwoorden ja van het gemelte accoort te weten. Waarop Evert Gerritsz het selve andermaal aan Jacob de Saijer afge­vraagt heeft, die daarop weer insgelijk antwoorde ja daar wel van te weten, en het soo geschiet te sijn.

alle het welke voorsz staat verklaren wij attestanten te wesen de opregte waarheijd, met prestatie van het selve ten allen tijden des versogt sijnde met Eede te stercken, en gevende voor redenen van wetenschap als in den text.

actum Blaricum den 30 Junij 1710

Cors Klasen bode tot blarkom

dit merck is geteekent bij + Dirk Harmensz

dit merck is geteekent bij + Jan Willemsz

dit is geteekent in mijn presentie Aaron Duerkant. [1]

______________________________________

Toevoeging:

Jacob de Zaijer was een gegoede vrijgezel.

Cors Claas was gerechtsbode

--------------------------------
De getuigen moeten wel een ijzer geheugen hebben gehad. Eerst die woordenvloed van Evert aanhoren en dan deze ellenlange volzinnen in onverstaanbaar Blaricums aan de schout overbrengen.


3267 35 BLARICUM 1710

VERKLARINGE VAN EVERT GERRITZ

BLARICUM ORA 3267.35 DD. 1710.06.30
VERKLARINGE VAN EVERT GERRITSZ

Verclaar ik onderschreven Evert Gerritsz oud omtrent 54 jaare ten versoeke van Teunis Gerritsz en in faveur van waerheijd, alsdat omtrent de maand Maij 1707 ten mijnen huijze is gekomen Een van de kinderen van den requirant, versoekende aan mij om eens bij haar vader te koomen, gelijk door mij geschiede, En- de aldaar komende hebben gevonden de reqnt met en nevens Jacob de Saijer, Hendrik Teunisz, Ende Grietie Theunis beijde meerderjarige kinderen van Theunis Gerritsz verwekt bij Geertie Hendriks, als wanneer de dogter van de reqnt mij in tegenwoordigheijd van de bovengenoemde persoonen indervoegen aansprack : Evert Oom, vaartie en wij sijn tevreden dat ghij met en nevens onse Oom Jacob de Saijer te samen sullen seggen wat wij voor onse moedersgoed sullen hebben, alsoo den reqnt bij sijn hertrouwen aan sijn twee voorkinderen geen bewijs van moederlijke goederen hadde gedaan. Waarop na eenige redenwisselinge der meergemelsen Jacob de Zaijer, en ik attestant sijn gegaan int agterhuijs als wanneer Jacob de Saijer (als oom van de meergemelte kinderen van s'moeders zijde) geeist wierde een somma van 500 gl. boven een behoorlijke uijtset. Waarop door mijn attestant (als oom van vaders zijde) is gebooden een somma van 450 gl., Edog na daar lang over en weder over gediscouveert hebbende, sijn wij indesen voegen finaal overeen gekomen, En geaccordeert, als dat den Reqnt aan sijn meergemelte voorkinderen Hendrik en Grietie Theunis voor haar moederlijke soude uijtkeren Eens de somma van vijff hondert gulden, boven een behoorlijk uijtset na haar staat, welke somma van 500 gl. Eerst door de kinderen van de Reqnt na sijn dood soude getrocken mogen worden, in welk accoort en uijt-sprake den Reqnt nevens sijn meerderjarige voorkinderen ten vollen genoegen hebben genomen. Wijders verklare ik attestant als dat ik op 26 februarij deses jaars 1710 met en tevens andere persoonen het lighaam van Hendrik Teunisz (op den 23 dit jaar seer subijt overleden sijnde) hebben ter aarde helpen bestellen warmede tegenwoordig was Jacob de Saijer, wanneer de voorn Jacob de Saijer doen seer schierlijk een overval kreeg. Edog den overval een weijnig over sijnde, hebbe ik attestant de meergemelte Jacob de Saijer in presentie van reqnt indesen Dirk Harmensz, Cors Claasz en Jan Willemsz in deser voegen aangesproken:
Jacob wij hebben liever met u te doen als met u Erffgenamen, nademaal sij niet en weten van het Contract t'geen wij te samen hebben gemaakt tusschen Theunis Gerritsz en sijn voorkinderen, waarop hij seijde daar niet van te weten. Als wanneer ik attestant andermaal tegen hem seijde:
Wel Jacob weet ghij niet dat wij te samen door Theunis Gerritsz en sijn voorkinderen verwekt bij Geertie Hendriks voor haar moederlijke goederen soude uijtkomen, En dat wij daarop te samen sijn int agterhuijs gegaan, en daar te looff en te bode geweest. En dat wij Eijndelijk sijn veraccordeert ende overgekomen dat de voorkinderen van Theunis Gerritsz voor haar moederlijke goederen soude hebben, Eens de somma van 500 gl. boven een behoorlijk uijtset, En dat die somma eerst soude aan haar uijtgekeert worden na doode van Theunis Gerritsz. Als wanneer hij andermaal ontkende, waarop ik attestant hem Jacob de Saijer ten derde maal in deser voege aansprack om hem de waarheijd te doen seggen:
Wel Jacob het geld en goed blijft hier. En wij gaan na de Eeuwigheijd, siet hier een twede opmerkinge van een haastige dood, wie weet hoe het met ons sal aflopen, off diergelijke woorden in substantie, weet ghij dan van ons accoort niet ? Waarop hij seijde ja daar wel van te weten, hierop hebbe ik attestant nog eens aan hem Jacob de Zaijer afgevraagt, daarop hij insgelijks geantwoord heeft ja daarvan wel te weten, en dat het in dier voegen geschiet was.
alle het welke voorsz staat daartoe versogt zijnde met solemnele Eede te sterken
actum Blaricum 30 Junij 1710
Evert Gerritse (Handtekening)

B 710 3267 35A ( 1998.02.03) http://1710-blaricum-erfdeel.blogspot.com/

3267 36 BLARICUM 1710

VERKLARINGE VAN GIJSBERTIE RIJCKEN

BLARICUM ORA 3267, FOL. 36. DD 1710.06.30
VERKLARINGE VAN GIJSBERTIE RIJCKEN

Verklare ick onderschreven Gijsbertie Rijcken in faveur van waerheijd, En ten versoecke van Theunis Gerritsz, als dat in desen jare 1710 den 26 februarij als wanneer het lighaam van Hendrik Theunisz ter aarde was besteldt onder meder ander volk ook is present geweest Jacob de Saijer, die op die tijd een overval kreeg soo dat hij genoodsaakt was die nagt ten huijse van den reqnt te vernagten, dat den voorgemelten Jacob de Zaijer des s'morgens opstaande met de reqnt is in gesprek geraakt, over het accoort het gemelden reqnt. Door interesse en uijtspraak van Evert Gerritsz en Jacob de Saijer, met sijn voorkinderen verweckt bij Geertie Hendriks hadde gemaakt, als wanneer ik attestante door den reqnt hebbe horen seggen tegen Jacob de Saijer, Ghij wilde gisteren van het accoort t'geen ghij voor mij met mijn voorkinderen hebt gemaakt nopende haar moederlijke goederen niets weten, weet ghij dan nog van ons accoort niet, t'geen wij voor desen daarvan hebben gemaakt ? Waarop ik attestante den meergemelte Jacob de Saijer hebben horen antwoorden daar wel van te weten daar bijvoegende, maar dan motte ghij aan Hendrik Theunisz ook soo veel huwelijks goed gegeven hebben als ghij Geertie Barten gegeven hebt, En die gehadt heeft, En meerder diergelijke woorden.
alle t'welke ik attestante verklare uijt de mond van Jacob de Saijer gehoort te hebben. En presentere het selve nader, met Eede te bevestigen.
actum Blaricum den 30 Junij 1710.
dit merk is gestelt + bij Gijsbertje Rijken.

____________________
B 3267 36 710

F.J.J. de Gooijer



Artikel links



Geplaatst op 12 november 2014 16:12 en 2450 keer bekeken



Deel dit artikel via:





_
R
eacties van leden


Je reactie
Naam   Gast
Reactie   
  _
Captcha_Beveiligingsvraag

Welk dier is dit?
_





_
Benneke  
18 nov 2012 17:08
Hallp Frans, ik vind het altijd luk om die oude verhoren te lezen.

Een groet van Benneke

Gooilander  
18 nov 2012 19:12
Hallo BEN,

Naar ik aanneem heb je tijdens een verhoor van getuigen nooit zulke ellenlange volzinnen horen gebruiken. Zeer knap dat die getuigen die woordenvloed konden weergeven. Op de tweede plaats spraken die getuigen een onverstaanbaar Blaricums dialect.

Ik zal deze opmerking als toevoeging plaatsen.
groet
Frans
_





_
Ofsen  
13 apr 2014 13:06
men aasde al tijdens zijn leven op zijn nalatenschap. ik heb dat vele keren bij klanten toen ik nog werkte meegemaakt. het is van alle tijden. wat zijn de verklaringen in dat oude Hollands toch vreselijk moeilijk te lezen. :grin: