Klik voor een vergroting
1 BRAND IN HET DORP HUIZEN
Anno 1719 op vrijdagmorgen 29 December ontrent de klocke drie uren. Doen ontstont in een huijs van onse jegenwoordige Schout Lambert J. Keelwigh, te weten het huijs gekoemen van Hansje Fijtissen, eene verschrickelijke en erbarmelijke brant, ende dat met een strege zuijtwesten koude en vriesende wint soodanigh dat men niet anders dagt, ofte het beste en meeste van ons schoone en welvarenste dorp, ende met al datter in was soude verbranden, dogh op het klocke geklep, slaande op eene kant, gelijk men in soodanige droevige gevallen alhier gewoon is, den brantklock te doen kleppen, soo quamen het meesten deel van onse ingesetenen ende ook onse precident Buijrmr. Jacob Cornelisz Keelwigh, niet alleen bij het voornoemde brandende huijs te voorschijn, maar soo door het wacker commanderen van de voornoemde Jaap Ceesen als door eenig jongelingen te weten Lambert Ebben Koij, Jacob Lubbertz Baas, Jan Harmensz en andere meer, die als getrouwe helden op 't voorhuijs van Jannetje Tijmons Witten met leeren klommen, ende door anderen jongelingen, ende
Vigilante maagden
aen haar een krachtigh water toe bragten waar mede de jongelingen die op het gemelde huijs waren soo sterck het dack en voormeur ende deuren en vensteren, met water goeten, ende het juijst op die tijt, terwijlhet voormelde huijs afbrande, seer hart vroer, dat het water op dat huijs van Jannetje bevroor ende alschoon die voormelden jongelingen, hare klederen aen hare lijven versengden ende hare aengesigten, en hare oogen, door het brandende veur, van 't brandende huijs, seer schadeloos wierden, soo hielden sij noch alle het volck niet op met water te gieten, ende met zand te goijen tot het voorz. brandende huijs geheel tot polver verbrant was, ja terwijl het voorz. huijs soo vel brande, soo vloegh den rook van ons dorp heen maar verscheijdene brandende stroo, en riet dotten, die vloegen en vielen oock op eenige huijsen ende lagen daer op te verbranden eenige tijt tot dat sij uijt gingen, 't welck alle met schreijende oogen aenschouwt wierde, ja indien op die selve tijt op onse huijsen niet een weijnigh bevroeren sneeuw was geweest, ter dickte van ontrent een stroobreet ende soo hart op die tijt niet hadt gevroren, gelijck voorseijt is, soo soude sekerlijken, menschelijker wijse te spreken, het meeste en beste van 't dorp verbrant hebben,
dogh de Heere sij van ons gelooft,
gedankt, geEert en Hoogelijk gepresen, dat hij noch niet in sijn toorn heeft geremieert, maar ons noch in sijne barmhertigheijt ontfermt heeft, ja in het selve voorz. afgebrande huijs, daar sijn niet alleen in verbrant ontrent 100 mudde, soo gedorste als ongedorste rogge en boeckweijt van onse schout, maar daar is ook in verbrant alle het linnen, wollen, beddebolster, kast, weefgetouw, ende allerhande huijsraat van Lambert Gerritz Swem, van sijn vrouw Peetje elberts, en van sijn soon Gerrit L. Swem. Welcke personen in dit huijs woonden, ende ternauwernoot bijna naakt uijt dat huijs quamen, ende alsoo het voornoemde Lambert Swem mijn na neef, noch eerst gewaar wierde, van datter in 't agterhuijs brant was, soo weckte hij sijn soon, sijn vrouw, ende Jannetje Goossens met haar dogter Hijntje, die in de kamer woonden, op welcke ter nauwernoot haar kasken en meubeljes, daar uijt kreegh, vervolgens soo gingh
Lambert Swem
met sijn siecke lijf noch, en klopte de voorgemelde Jannetje Witten, met alle die daar woonden, op, voorts liep de soon van Gerrit Swem na de klock, ende de koster opgeweckt hebbende roerde en klepte hij den brantklock Etc.Hoe het voornoemde huijs in brant is geraakt weet ik noch niet, de Heer onse Godt die het weet, ik sal het wel noijt weten, altijt daar vallen bij ons menschen veele discoursen over, want den eenen zustineert zus, ende den ander soo. Dogh van drie een is seecker, namentlijk, door een brantstigter, of door onversigtigheijt, onnoselheijt of onwetentheijt vanLambert Swem, zoon of vrouw, ofte door den jongen hont, die daar in verbrant is,
dat die met sijn haijrbrandende lijf, bij den roggemijt is gekropen daar hij doot lagh, altijt soo schijnt de brant aen den roggemijt aengekoemen te sijn.
__________
KRONIEK VAN LAMBERT RIJCKSZ LKUSTIGH
http://lustigh-knoniek.blogspot.com
____________________________________________
F.J.J. de Gooijer
http://gooijer.netfirms.com
http://gooijer.nl.jouwpagina.nl