Delen     Populaire blogs     Volgende blog Ľ
Blog maken     Inloggen
_
_
GOOILAND
Geschiedenis van Gooiland van 900 tot 2007
_
Home__Weblog__Prikbord__Fotoblog__Videoblog__Foto's__Links__Gastenboek__Vrienden__Zoeken__Tip__Login
_

Welkom op mijn Weblog


http://gooiland.vijftigplusser.nl/?page=article&warticle_id=44460



Mijn Profiel

gooilander
Ik ben nu offline

• Mijn profiel
• Privť bericht sturen
• Als vriend toevoegen

Toevoegen als weblog vriend






Zoeken in Google
_



CategorieŽn Overzicht




Laatste Weblog artikelen




Fotoboeken


ERFGOOIERS (89)
_
FAMILIE (2)
_

FAMILIE (1)
_
FAMILIE (1)
_






Weblog Vrienden


Nog geen weblog vrienden toegevoegd.



Gastenboek berichten

David Hughes
20 oktober 2017 07:22
_
Heb je dringende leningen nodig om je financiële problemen op te lossen? Indien geïnteresseerd; neem dan contact met ons op via; E-mail: Paydayloans@li ve.com Telefoon: (512) 850-4970

Lieneke Opmeer
08 juni 2017 10:00
_
Deze pagina kwam tegen toen ik op zoek was naar de familie Majoor en met name Machiel Janszoon Majoor uit Laren. Hij is mijn overgrootvader, zijn dochter Engelina is mijn oma. Ik ben ook vernoemd naar haar. Verder ben ik heel erg benieuwd of er meer informatie over mijn overgrootvader bekend is. lienekeopmeer@ hotmail.com

Hans Klinkenberg
25 maart 2016 20:58
_
Joaox@live.nl




Watskeburt Op 50plusser.nl

Door elvira om 01:53
_
Elvira Online

Door jjacqueline om 01:14
_
Nieuwe Forum reactie geplaatst

Door douwe om 00:52
_
Nieuwe Forum reactie geplaatst

Door andrea57 om 00:51
_
Andrea57 Online

Door BIBI58 om 00:44
_
BIBI58 Online

Door Briesje om 00:12
_
Briesje Online

Door Briesje om 00:11
_
Nieuwe Forum reactie geplaatst

Door redone om 23:55
_
Nieuwe Weblog reactie geplaatst





_

Andere artikelen



DE GOOIJER FAMILIE (GEN. 9 - DEEL 2)


Gezicht op Blaricum (Jacob Ruisdael 1660)

JAN Wzn DE GOOIJER 1685 – 1736

---------------------------------------------------

JAN WILLEMSZ EN DE ELFDE SCHOOF.

Omstreeks de vijftiende – begin zestiende eeuw werd ten oosten van Blaricum de Gooiersgracht gegraven, die de grens aangaf tussen het Gooi en Sticht. De afbakening diende om verdere uitbreiding van het Sticht via de ontginning vanuit Eemnes te stoppen. Het afgesneden deel van de ontginning lag nu in Blaricum en werd de Bouwvenen genoemd. De belasting op dit bouwland bleef dezelfde als in Eemnes gebruikelijk was, namelijk de zogenaamde 'Elfde schoof'. In de rest van de Gooise Engen bestond de heffing uit de 'Koptienden', een aanmerkelijk lagere last. De manier waarop de inning van de Elfde schoof plaats vond, gebeurde als volgt: Sinds de zestiende eeuw was de Elfde schoof heffing, dus niet het bouwland, in handen gekomen van regentenfamilies. Jaarlijks, eind juli, werd door hen deze belasting verpacht. De Bouwvenen werden in vier of vijf delen gesplitst en de opbrengst aan de hoogste bieder verpacht. De geldbedragen gingen meer dan een eeuw lang naar de rijke regentenfamilie Hooft. De pachters waren meestal Blaricumse landbouwers, die mogelijk zo de belasting van hun eigen bouwland afkochten. Deze landbouwers hadden zelf hun land ingezaaid en bij de oogst het koren gemaaid en tot schoven gebonden. Daarna moesten de schoven op het land blijven staan, totdat de belastingpachter iedere elfde schoof weghaalde. Het tot schoven binden van het koren was handwerk, dus geen enkele schoof was gelijk. Mogelijk ontstonden er ruzies als alleen dikke schoven werden uitgezocht. In de pachtakten werden aparte gedeelten van de Bouwvenen 'blocken' genoemd, die soms aangeduid werden als 1e , 2e , 3e en 4e block. Als begrenzing werd meestal verwezen naar de landhuizen die tot eind 17e in de Bouwvenen stonden. Bijvoorbeeld: Het 1e block van Capittenbos tot de Molenvonger, (6) Van de Molenvonger tot Staghouwerveld, Van Staghouwervonger tot Ruysendael en Van Ruysendael tot de gemeente.

Jan Willemsz pacht regelmatig de Elfde schoof. In 1721 van het 4e block dat wordt aangeduid met "Van daer tot Ruysdael". Jan bezit 1 1/2 schepel in de 'Vrijhoeven', dat niet belast is met koptienden en dus zeker tot de Bouwvenen behoort. Mogelijk was dit perceel gelegen in de Bouwvenen, aldaar lag wel het perceel 'Soetelaaer' dat Jan in bezit had. Dit 'Soetelaer' lag dichtbij 'Het Slot Ruysdael'. Opmerkelijk is het feit dat Jan Willemsz niet als enige 'de Gooijer' de 'Elfde schoof' in en om Ruysdael pacht. ( Zijn zoon Willem, kleinzoon Jan en achterkleinzoon Willem pachtten deze elfde schoof tot 1840)

18 Juli 1726 staat Jan Willemsz weer als pachter van de elfde schoof op de

Bouwvenen vermeld: Het 3e Block is ingeset op f 44.--. Verhoogt met f 3.14. Gecogt bij Jan Will. Goijer voor f 47.14.-borgen: Jacob Harmensz, Jacob Loegen.

Jacob Loegen pacht in 1726 het 4e Block en nu is Jan Willemsz Goijer op zijn beurt borg. *

Onder deze blocken van de Bouwvenen behoorden, zoals eerder vermeld, het voormalige Stachouwerhuis en het Slot Ruysdael. Deze namen werden steeds in de verpachtingakten genoemd, zoals in 1727:

Het block "Vandaer tot Ruysendaal"

Gecogt bij Jacob Loegen f 16.15.--

borgen: Willem Jacobs Boer, Jan Willemsz Goijer.

Het laatste block

Gecogt bij Jan Willemsz Goijer f 16.05.--

borgen: Willem Jacobsz Boer (Jan's buurman) en Jacob Loegen.

Ook in 1728 pacht Jan Willemsz de elfde schoof en wel op 25 juli. Het block is nu:

Van de molenvonger tot Staghouwervonger bij Jan Willemsz Goijer

f 48.10.--

Ook verschijnt Jan weer op de Regtdag in Laren op 12 januari 1728. Dit keer is Jacob Jannhoort eiser.

HENDRIKJE ALS ERFGENAME.

Het gezin breidt uit met dochter Cornelia, die gedoopt wordt op 18 maart 1728. Gijsbertje Rijken is weer doopgetuige. Enkele maanden eerder, op 24 januari 1728 wordt het overlijden van Hendrikjes moeder, Marritje Jans, ingeschreven. Haar nabestaande moet f 3.- aan 'Impost op begraven' betalen.

Hendrikje is de enige erfgename, zoals blijkt uit de boeken van de Koptienden en Verpondingen.

Op fol. 50 van het koptiendengaarderkohier nr. 269. 173 staat:

"Piter Kornelisz Decker"(was reeds overleden in 1700) f -. 6.-

"Deze post te stellen bij Jan Willemsz Gooijer, bij Erfenis 1729".

Op fol. 51 van hetzelfde boek staat:

"Jan Willemsz Gooijer 2 1/4 kop " f -. 1.12

"1729 Hierbij de post van Piter Cornelis fol. 50. 1 spt. bij Erfenis".

Het Blaricumse huizenkohier uit 1732 vermeldt achter nr. 73 als eigenaresse: Pieter Cornelis, wed. (ofschoon zij dan reeds vier jaar overleden is)

Ten slotte staat een aantekening in het verpondingkohier (anno 1734) nr. 319. Op fol. 86 is de naam van de weduwe doorgestreept. Nu staat "Jan de Gooijer" als eigenaar van "Haar Huys" en haar stukken bouwland te boek. Voor het huis moet per jaar een aanslag van 17 stuivers betaald worden.

Door de erfenis lijkt het of Jan uit de geldproblemen is. Hij koopt 29 september 1728 voor f 28.10.-: " 1 1/2 schepel bouland gelegen in Coppertjes Camp , soverre als de ploeg gaat".

Jan Willemsz bezat reeds 2 1/2 schepel naast het aangekochte stuk. Tezamen vormt het dan, zoals beschreven : "2/3 van Cob Ebbetjes Camp, groot 4 schepel".

Toch kan Jan het kopen op afbetaling moeilijk laten. 1 November 1729 "Coopt Jan Willemsz de Gooijer, gewas op 't veld op boelhuys tot Huizen". Op de Reghtdag van 12 december 1729 wordt de betaling van f 16.- geeist. Ook de koe die hij kocht is niet geheel betaald, in 1734 moet hij nog een resterend bedrag van f 9.-.4 betalen. Tevens nog de aankoop van twee koeien in 1730.

Dat jaar kocht Jan op 4 mei een koe voor f 36.- en op 4 oktober een "swart

grijse koe" voor f 35.-.

De uitbreiding van Jan's veestapel is nog verder te volgen in de oud-rechtelijke boeken. 30 April koopt Jan weer twee koeien voor f 58.15.-. (De betaling wordt geëist op Reghtdag 2 februari 1733.)

De schulden van Jan Willemsz moeten betaald worden, dus neemt hij weer een lening op 29 juni 1733. De akte uit de boeken van Transporten en Hypotheken luidt:

"Jan Willemsz de Goyer ...... en deugdelijk Schuldigh te wesen aan Willem

Verbatten wonende tot Hilversum, een somma van f 150.- ...... daar voor verbinde speciaal secker huys, hofstede en erve staande en gelegen binnen Blaricum, 3 spint bij de Molenaar, 2/3 van Cop Ebbetjes Camp, 4 1/2 spint aan 't Naarderhoogt, 1 1/2 Schepel in de Vrij hoven, 5 spint genaamt Soetelaer, 1 Schepel aan strand, 1/3 van 9 spint boven de Bije stee".

Het is duidelijk, dat Jan Willemsz zijn vroegere lening heeft afgelost. Ook

vindt men hem kredietwaardig, anders zou het onmogelijk zijn om een lening af te sluiten. Opmerkelijk is dat geen vee als onderpand gebruikt wordt, misschien een logisch gevolg van de heersende veepest.

Inmiddels is Jan Willemsz ook schaarmeester geworden, de exacte periode is onbekend.8] In een Schepenakte legt Jan op 50 jarige leeftijd op 16 april 1734 een getuigenis af. (Samen met andere getuigen, waaronder een oud-Buijrmeester, enkele schepenen en gewezen schaarmeesters) De verkorte inhoud luidt:

"Jan Willemsz Goijer, oud omtrent 50 Jaeren, gewesen schaarmeester, erffgoijer geboren, en altoos gewoont hebbende en nog wonende binnen dese Dorpe. En verklaarde ter requisitie van den Buijrmeester van Blaricum en Huijsen ...... hoe waar en waaragtig is dat sij ieder van haar jeugt aff aen tot in de Jaere 1732 incluys gesien hebben, en dus ten vollen bekent te sijn, dat de Schaapherders of Huyrders van de Nenge van Blaricum en Huysen ..... altoos ider afsondelijk met hunne koppels schapen openbaer ..... dagelijks op de Gemeente van Goijland ..... sijn koome weijden, te weten allenig in de wintertijd circa van 10 November tot 27 Maart ..... "

HENDRIKJE ALS ARME WEDUWE.

Jan Willemsz de Gooijer overlijdt volgens het begraafboek van de R.K. kerk op 10 januari 1736. Hij wordt op 31 januari ingeschreven in het boek van de Impost op begraven als "Jan de Gooijer". De financiële toestand, die hij achterlaat is al duidelijk aan het PRO DEO van de impost.

De achterblijvende weduwe Hendrikje Pieters Decker is gedwongen om al haar onroerend bezit te verkopen, zowel het huis als het bouwland. Maar ook in de rechtboeken komt de naam van Jan Willemsz nog na zijn dood voor. Op 6 februari 1736 blijkt de "bonte koe", gekocht op 29 oktober 1734 te Eemenes binnendijk, nog niet geheel betaald te zijn. De borgen van Jan moeten f 19.- betalen. Ook het "paart" door Jan in 1735 gekocht is niet afbetaald. Nog op de Reghtdagh van 7 januari 1737 wordt Jan's borg, Jan Roele Calis, aansprakelijk gesteld voor f 11. 5.--.

Hieronder volgen de verkopen van het gehele bezit aan onroerend goed (die indruk krijgt men) van de weduwe Hendrikje Pieters Decker. De akten bevinden zich op fol. 74 t/m 77 in de boeken van Transporten en Hypotheken (nr. 3256) en zijn allen gedateerd 10 september 1736. De ingekorte inhoud van de akten luidt:

fol. 74

Hendrikje Pieters Wede. van Jan Willemsz Goijer ...... publicq vercogt .... aan Jan Joosten de Graaf, een Huys en erve staande en gelegen binnen dese dorpe, belent Willem Jacobsz Boer ten Suyde en Tymen de bakker ten Noorde .... De Cooppenn. ter somma van f 240.- de helft contant betaald ... de wederhelft op 1 Mey van 't Jaar 1737.

fol.75

Hendrikje Pieters Wede. van Jan Willemsz Goijer ....... publicq vercogt .... aan Gerrit van Westen, Drie spt. land gelegen binnen dese dorpe belent Jan Fransz Kleer... ter somma van f 53.-; Seven spint boulant gelegen aan de Naerderweg belent de Wede. Hendrik Jansz Puyk ... ter somma van f 6.-, die betaald moeten werden : de helft op kerstijd en de wederhelft op 1 Meij 1737.

fol. 76

Hendrikje Pieters Wede. van Jan Willemsz de Goijer ... publicq

vercogt ...... aan Meeuwis Harmenz : Een stuk land groot 1 1/2 Schepel gelegen in de Vrije oven, belent Lambert Harmensz .... Cooppenn. ter somma van f 55..... betaalt .... de helft op kerstijd, de wederhelft op 1 Meij 1737.

fol. 77

Hendrikje Pieters Wede. van Jan Willemsz Goijer ...... publicq vercogt ... aan Hendrik Lubbertsz Bakker: 4 Schepel land, waarvan een gedeelte beplant is, genaamt Cob Ebbes Camp, belent de wede. Lambert Harmensz ter wederzijde; Een Schepel land gelegen op 't Naarderhoog, belent de Coper (H.L. Bakker) ten Suyde; 1 Schepel land benoorden Claas Bakker ..... Cooppenn. te samen ter Somma van f 51. 5.-- betaalt ... de helft op kerstijd deses jaars en de wederhelft op den 1 Meij 1737.

Hendrikje Pieters Decker was in die tijd als vrouw niet handelings-bekwaam. Om namens haar te handelen gaf zij (of kregen) enkele mannen een volmacht. In het "Register van Gerechtelijke Acten" (nr. 3268 fol. 34) staat op 5 november 1736:

"Volmacht door Hendrikje Pieters gegeven aan Cornelis Adriaansz(Koster) en Teunis Joosten de Graaff."

Hendrikje Pieters Decker blijft achter met haar dochtertjes Cornelia van 8 jaar, Marritje van 12 jaar en haar zoon Willem van 15 jaar. (over eventuele andere kinderen is niets te vinden). Waar Hendrikje en de kinderen gewoond hebben na de verkoop van "Haar Huys en Erve" is een raadsel. Wel was er in 1733 sprake van een "Huys, HOFSTEDE en Erve". Niet duidelijk is, ook bij andere Blaricummers, wat bedoeld wordt met "Hofstede". Deze benaming komt zowel voor in akten als in

verpondingkohieren. Hopelijk ging het om een volledige boerderij, waar zij met haar gezin is blijven wonen.

Waarschijnlijk werd Hendrikje en haar gezinnetje opgevangen door familie. Er zijn aanwijzingen die lijken te wijzen op een familieband tussen het gezin "de Gooijer-Decker" en de Hilversumse familie "de Graaff". Mogelijk kocht de Hilversummer Jan Joosten de Graaff "Haar Huys en Erve" om Hendrikje te helpen.

Ook de "volmagt" door Hendrikje verschaft aan Teunis Joosten de Graaff uit Hilversum is een aanwijzing.

De broers Jan en Teunis Joosten de Graaff bezaten in Hilversum meerdere

woningen. Bovendien gaven zij een grote som geld aan de R.K. kerk in Sandvoort te Baarn. Veel Rooms Katholieke Hilversummers lieten

hun kinderen in Baarn dopen, omdat hun kerk was "overgenomen" door de Oud Katholieken.

Hendrikje Pieters overlijdt op 68 jarige leeftijd. Zij wordt ingeschreven in het boek van de Impost op begraven op 15 oktober 1753. De nabestaanden behoeven geen impost te betalen.

Een jaar na het overlijden van Hendrikje koopt haar zoon Willem haar huis terug van Aaltje Claasz Ruyter, de weduwe van Jan Joosten de Graaff. Het gaat duidelijk om hetzelfde huis, het verpondingkohier vermeldt dit en ook de buren zijn dezelfde gebleven. Echter, in plaats van de f 240.die het huis opbracht bij de verkoop, betaalt Willem nu slechts f 80.-. De vraag is nu: Kon het huis pas na de dood van Hendrikje worden teruggekocht ? Kwam door het overlijden van haar een einde aan een waarschijnlijk faillissement en waren er nog schuldeisers ?

Interessant zou het zijn, als er een familieband tussen "de Gooijer-Decker" en "de Graaff" kan worden aangetoond. De 16e eeuwse familie "Van der Graft" heeft zich later gesplitst in de families "de Graaff", "de Gooijer", "Ruisdaal" en "Krijnen".

Zou er begin 18e eeuw nog verwantschap zijn geweest tussen "de Graaff" en "de Gooijer" ? Waarschijnlijker is een verwantschap in de vrouwelijke lijn, misschien dezelfde grootmoeder?

____________________________________________________________

Aanvulling:
----------------------------------------------

De trouwgetuigen bij het huwelijk van Jan en Hendrikje waren Antonia Bovenwater en Catharina Riethuijsen. Beide waren ook bij andere Blaricumse bruidsparen aanwezig. Mogelijk waren het "klopjes".

Klopjes waren vrome vrijgezelle vrouwen. Volgens de overlevering 'klopten' zij aan bij Rooms katholieken wanneer er (in het geheim) een priester in het dorp was. Dan werd er noodgedwongen in het geheim gedoopt, getrouwd of een Mis opgedragen.
---------------------------------------------

Op 17 juli 1704 namen de Staten, rusteloos door de Jansenisten (later oud-Katholieken genoemd) gedreven, het besluit dat niet-Jansenistische priesters binnen hun staat de geestelijke bediening niet meer mochten uitoefenen. De Blaricumse pastoor Joannes Bernardus Plasman had echter in hun ogen een zwaarder straf verdiend. Het besluit omtrent hem luidde als volgt:

"Eindelijk zullen zij (dat waren de officieren en baljuws ter plaatse) ook aan Joannes Plasman, woonende te Blaricum en Aloysius Meijer, woonende te Swammerdam, aanzeggen, zat zij zich buijten haar respectievelijke districten hebben te begeven binnen de tijd van tweemaal vier en twintig uren, en buijten den lande van Holland en West Vriesland binnen de tijd van acht dagen na respectieve aanzegging of insinuatie, op poene van zij, na dien tijd daarin bevonden wordende, als pertubateurs van de gemeene ruste worden gestraft".

1) Traditioneel trouwden de R.K. erfgooiers na Pasen en voor de schaardag op 12 mei.

2) Voor een verklaring zie: koptienden

3) Volgens de traditie werd de eerste dochter vernoemd naar de moeder van de vrouw en de tweede dochter naar de moeder van de man. De eerste zoon kreeg de naam van de vader van de man en de tweede zoon die van de vader van de vrouw. In het Gooi hield men zich daar zo strikt aan, dat dit tot verwarrende naamgeving leidde. Indien beide vaders de naam Jan droegen, dan kregen twee zoons uit hetzelfde gezin de naam Jan. In Blaricum leefden begin 18e eeuw de broers Jan Willemsz Verwer de oude (geb.) en Jan Willemsz de jonge (geb. )

4) Voor een verklaring zie: Jan Willemsz en de Elfde schoof.

5) Vonger is mogelijk hetzelfde als vonder of vlonder, namelijk een plankbrug. In dit geval een bruggetje over de Gooiersgracht naar het pad dat aan de Stichtse kant van die gracht loopt.

6) Gemeente betekend hier "De Meent", de gemeenschappelijke weidegronden van de erfgooiers.

7) Ieder dorp benoemde 2 schaarmeesters om toezicht te houden op het reilen en zeilen van de erfgooiers en hun Meent.

-----------------------------------------

* Elfde Schoof 18-07-1726, origineel:

http://goy-1685-jan-w.blogspot.com/2008/07/blog-post_1347.html

_______________________

Digitale akten Jan Willemsz de Gooijer betreffende:

http://goy-1685-jan-y.blogspot.com/

http://goy-1685-jan-w.blogspot.com/

goy1685-jan.blogspot

____________________________________________

F.J.J. de Gooijer

gooijerfjj@hotmail.com

http://gooijer.netfirms.com/

http://gooijer.nl.jouwpagina.nl/

GASTENBOEK

http://erfgooijers.write2me.nl/

Labels: Gooise geschiedenis en genealogie De Gooijer




Jan Wzn - Achterstallige pachtsom in 1724


Jan Wzn koopt Coppertjeskamp in 1728


Jan Wzn pacht de 11e Schoof in 1728


Jan Wzn kocht koeien op afbetaling in 1734


Jan Wzn in het koptiendenboek van 1734


Artikel links



Geplaatst op 30 september 2013 16:33 en 3165 keer bekeken



Deel dit artikel via:





_
R
eacties van leden


Je reactie
Naam   Gast
Reactie   
  _
Captcha_Beveiligingsvraag

Welk dier is dit?
_

Er zijn nog geen reacties gegeven.